Siep van den Berg

Siep van den Berg volgde zijn opleiding aan de Academie Minerva te Groningen en Académie de la Grande Chaumière in Parijs. Als beeldhouwer is hij autodidact.

Siep van den Berg besluit om in 1939 professioneel kunstschilder te worden en huurt het theekoepeltje bij het Sterrebos als atelier. Siep ging nog steeds zijn eigen weg en schilderde rond deze tijd voornamelijk landschappen, later ook stillevens. In Parijs vond er een verschuiving plaats in Sieps werk onder invloed van het werk van Cezanne. Siep van den Berg ging de voorstelling opdelen in vlakken en kleuren. Van hieruit zou Siep van den Berg uiteindelijk evolueren naar de geometrisch-abstracte composities die vanaf de jaren vijftig in het oeuvre van de schilder de boventoon voerden.

Siep van den Berg werd geïnspireerd door de Groninger moderne kunst, De Ploeg en door zijn schoonvader Hendrik Nicolaas Werkman. Maar na Sieps verhuizing naar het westen veranderde zijn stijl in wat hij noemt: “… weer verder van de natuur af en nog meer in de fantasie gaan”. Siep van den Bergs werk ontwikkelde zich van stilering en vereenvoudiging tot eind jaren 1960 het stoppen met werken naar voorbeelden uit de natuur en de het los laten van de dagelijkse werkelijkheid.

Siep van den Bergs werk wordt abstract met een constructivistische inslag. Met een beeldend idioom bestaande uit vierkanten, rechthoeken en het gebruik van de primaire kleuren: rood, geel, blauw en zwart en wit, past het oeuvre van de Groningse kunstenaar Siep van den Berg in een periode waarin de CoBrA-kunstenaars de boventoon voeren, de traditie van Mondriaan, De Stijl en het naoorlogse constructivisme.